|
|
Josephus-Gislenus Canneel (°Brugge 15.11.1821
+Borgerhout 04.06.1888) stamt af van een oude Brugse familie. Zijn grootvader
was meubelhandelaar, zijn vader wijnhandelaar.
De jaren 1846-1856 waren moeilijke tijden met veel armoede. Joseph kon als kunstenaar amper overleven. Van de stad Brugge kreeg hij weinig steun. Samen met zijn zus Marie verliet hij op 2 december 1856 zijn voorouderlijke stad Brugge, en verhuisde volgens het bevolkingsboek naar een onbekend adres in het Brusselse. Op 10 april 1868 kwamen Joseph en zijn zus uit
Schaarbeek naar de Victoriastraat 21 in Antwerpen. Ze verhuisden er op 28
augustus 1868 naar de Gemeentestraat 26, op 15 januari 1874 naar de Statiestraat
5, op 30 september 1878 naar de Dambruggestraat 46, en op 26 april 1880 naar de
Delinstraat n° 4. Op dit laatste
adres waren wel 20 personen gedomicilieerd, ze zullen dus niet rijk geweest zijn. Op 21 maart 1887 overleed Joseph’s
zuster in Antwerpen, en op 9 juli 1887 overleed Joseph in Borgerhout. Het oeuvre van J.G. Canneel
I. Als kunstschilder. • Van hem kennen we het portret uit 1848 van de bekende auteur en historicus Pieter Lansens. • Een ander werk is Moeder met 2 kinderen uit 1851. • In De geschiedenis van Poesele uit 1867 lezen we dat er boven het hoofdaltaar van de kerk twee schilderijen hingen van de Brugse schilder Joseph Canneel. II. Als lithograaf zijn er van Joseph Canneel veel werken bekend, b.v.: • Leopold I van België (1845) in bezit van de Brugse historicus Jaak Rau. • Paus Pius IX (1847). • Bisschop Boussen (1848). • De wiskundige Simon Stevin (1846) • De zeilboot van Simon Stevin III. Op literair vlak Zijn bekendste uitgave is het bekende boek 'Histoire du Diocèse de Bruges'. Het is de geschiedenis van alle Brugse bisschoppen, uitgegeven en geïllustreerd door J.G. Canneel in afleveringen tijdens de jaren 1846-1850, met teksten van priester Ferdinand Vande Putte.
Bronnen |